Kersencake

Rating: 0 sterren
0 stemmen

In de Betuwe kom je in de zomer altijd wel een schattig kersenstalletje tegen langs de weg. En dat geeft natuurlijk een shot inspiratie. In deze kersencake zit naast verse kersen ook banketbakkersroom. Dit maak hem extra smeuïg. Veel bakplezier!

  • Zorg dat de roomboter op kamertemperatuur is. 
  • Maak de kersen schoon: was de kersen, verwijder de steeltjes en de pitten. Zet de kersen aan de kant. 
  • Verwarm 225 ml melk samen met 75 gram suiker en het vanille extract in een steelpan. Hiervan wordt de banketbakkersroom gemaakt. 
  • Doe de overgebleven 25 ml melk in een apart schaaltje. Voeg het custardpoeder hier aan toe en roer dit tot één gladde massa. 
  • Giet een beetje van de warme melk uit de pan in de kom met de custardpoeder. Meng dit.
  • Giet het vervolgens terug bij de overige melk in de pan.
  • Roer de banketbakkersroom goed door met een garde. Blijf dit verwarmen tot het mengsel vla dikte heeft. 
  • De banketbakkersroom is nu klaar. Nu maken we het cakebeslag.
  • Doe de roomboter, die op kamertemperatuur is, in een kom. Klop deze kort door.
  • Voeg de suiker hierbij en meng dit goed door.
  • Klop één voor één de eieren door de boter en suiker. Voeg het volgende ei pas toe als het vorige is opgenomen.
  • Voeg het zout, de kaneel en het zelfrijzend bakmeel toe. Mix dit tot een glad cakebeslag.
  • Bestrijk je vorm met een dun laagje boter. Kies voor een lage brede vorm. Ik koos voor een porseleinen quiche vorm van 27 cm doorsnede.
  • Doe het cakebeslag in de vorm en verdeel het over de bodem. 
  • Verdeel de kersen over het beslag. 
  • Verdeel met een lepel de banketbakkersroom over het beslag.
  • Strooi het amandelschaafsel over de cake heen. 
  • Bak de cake in een voorverwarmde over van 160 graden Celsius voor 55 minuten.