Koekhuisjes

Rating: 0 sterren
0 stemmen

Laat je lekker gaan en ga lekker creatief aan de slag met deze koekhuisjes. Eerst je huisjes ontwerpen en bakken, en daarna lekker versieren met glazuur en snoep! De droom van ieder kind (en ieder volwassene), toch? Afhankelijk van de grootte van je huisjes kan je met dit recept 2-3 koekhuisjes maken.

  • Zorg er voor dat de roomboter op kamertemperatuur is.
  • Klop de roomboter met de basterdsuiker luchtig.
  • Snijd de schil van de gember en rasp deze zo fijn mogelijk.
  • Voeg deze samen met de stroop, het zout en de kaneel toe aan de roomboter en mix dit goed door.
  • Als dit goed gemengd is voeg je het zelfrijzend bakmeel toe. Kneed dit tot een mooi samenhangend deeg. 
  • Laat het deeg minimaal 30 minuten rusten in de koelkast.  
  • Als het deeg rust kan je gaan nadenken over de vorm van je koekhuisje. Teken op a4-tjes de muren en dakdelen van je huisje uit en knip deze uit. Geen inspiratie? Zoek eens op internet.
  • Als het deeg gerust heeft rol je het uit tot ongeveer 1/2 cm dikte. Gebruik een beetje bloem als het deeg aan je werkbank plakt. 
  • Leg je papieren mal van het huisje op het deeg en snijd de delen van het huisje uit. 
  • Bak in een voorverwarmde oven op180 graden Celsius voor 15 minuten.
  • Maak in de tussentijd de karamel. Hiermee kan je de delen van het huisje straks gemakkelijk aan elkaar plakken.
  • Let op! Karamel wordt erg heet, je kunt je branden als je karamel aanraakt. Koekhuisjes maken is heel leuk om met kinderen te doen, maar let extra op tijdens het werken met karamel.
  • Zet de suiker en het water in een pan op het vuur en laat dit koken.
  • Roer de suiker niet door, maak eventueel met een kwastje met water de randen van de pan schoon zodat de karamel niet gaat kristalliseren. 
  • Je zult zien dat karamel gaat kleuren. Als het licht bruin/karamelkleurig is, haal je de pan direct van het vuur.
  • Je dipt de stukjes koek met één kant in de karamel en plakt ze aan elkaar. Je zult merken dat de karamel snel hard wordt en je huisje blijft staan.
  • Als je karamel ook in de pan hard wordt, en je bent nog niet klaar met bouwen, dan kan je de karamel nog even kort opnieuw opwarmen. 
  • Als het goed is staat je huis nu. Dus tijd om de royal icing te maken. Dit is het witte glazuur waarmee je je koekhuisje kunt versieren en waarmee je versiering kunt laten plakken.
  • Doe het eiwit, de poedersuiker en de citroensap in een kom en roer dit rustig door. 
  • Bekijk zelf of de consistentie van je glazuur goed is. Je glazuur moet vrij dik zijn om goed te blijven plakken. Is je glazuur te dun? Voeg extra poedersuiker toe. Is je glazuur te dik? Voeg een druppeltje water of citroensap toe.
  • Doe het glazuur in een spuitzak en versieren maar!
  • Het is het leukst om naast je versieringen ook kleine details toe te voegen. Denk aan kransjes, ijspegels, een openstaande deur, een versierd raamkozijn, een schoorsteentje.
  • Je maakt je huisje zo strak mogelijk als je de karamelranden en eventuele gaatjes met glazuur en versieringen bedekt.